Note 39 — De Bij1.
Albin de Kazimirski Biberstein translation
Toen Mahomet eens in den Koran las, sprak hij eene vreeselijke godslastering uit, tot groote ergernis van hen, die tegenwoordig waren, zooals dit op eene andere plaats (in de noot op vers 51 van Hoofd XXII) zal worden medegedeeld. Ten einde zich te verontschuldigen, verzekerde hij hun, dat de duivel hem deze woorden in den mond had gelegd, en ten einde zulke gevallen in de toekomst te voorkomen, wordt hem hier vermaand, Gods bijstand in te roepen, alvorens dien plicht te vervullen (Jallalo’ddin, Al Beidâwi, Yahya enz).