Note 9 — Al Forkan1.
Albin de Kazimirski Biberstein translation
Door sommigen wordt verondersteld, dat deze woorden bijzonder betrekking hebben op Okba Ebn Abi Moait, die gewoon was veelal in Mahomets gezelschap te zijn. Eens noodigde hij hem tot een bezoek uit: de profeet weigerde van zijn vleesch te proeven, tenzij hij den Islam omhelsde, hetgeen hij dientengevolge deed. Spoedig daarna ontmoette Okba zijn vertrouwden vriend Obba Ebn Khalf. Deze berispte hem, omdat hij van godsdienst was veranderd, doch Okba verzekerde dat dit niet zoo was, maar dat hij alleen de belijdenis van het Islamismus had afgelegd om Mahomet er toe te brengen, met hem te eten, daar hij zich schaamde hem zonder eten uit zijn huis te laten gaan. Obba zeide echter dat hij niet voldaan zou wezen, zoo lang hij Mahomet niet had opgezocht, hem zijn voet op den nek gezet en hem in het gezicht gespuwd zou hebben, hetgeen Okba, om zijn vriend niet te verliezen, op de openbare vergaderplaats deed, waar hij Mahomet vond zitten. De profeet zeide hem daarop, dat hij hem het hoofd zou afsnijden, zoodra hij hem buiten Mekka mocht ontmoeten. En hij hield zijn woord; want toen Okba later in den veldslag van Bedr werd gevangen genomen, werd zijn hoofd, op Mahomets bevel, door Ali afgeslagen. Wat Obba betreft, hij ontving eene wonde van des profeten eigen hand in den slag van Opod, tengevolge waarvan hij bij zijn terugkeer te Mekka overleed (Al Beidâwi. Zie Gagnier, Vie de Moham. vol. I. p. 362).