Note 13 — Al Forkan1.
Albin de Kazimirski Biberstein translation
De uitleggers zijn er mede verlegen, waar zij al Rass zullen plaatsen. Volgens een hunner was het de naam van eenen bron (hetgeen ook de beteekenis van het woord is) nabij Midian, waar sommige afgodendienaars hunne woningen hadden gevestigd en waarheen de profeet Shoaib werd gezonden, om voor hen te prediken; doch daar zij niet in hem geloofden, viel de bron in en zij en hunne huizen werden verzwolgen. Een ander veronderstelt, dat het eene stad in Yamama was, waar eenige overgeblevenen van de Thamoediten woonden, aan welken mede een profeet werd gezonden; doch zij doodden hem en werden daarop geheel verdelgd. Een ander meent, dat het eene bron nabij Antiochië was, waar Habib al Najjar, wiens graf daar nog te zien is en dikwijls door de Mahomedanen wordt bezocht [Zie Hoofdstuk XXXVI] werd gemarteld (Zie Abul’f, Geog. Vit. Saladine p. 86). Een vierde ziet in al Rass eene bron in Hadramaut, in welker nabijheid eenige afgodendienende Thamoediten woonden, wier profeet Handha of Khantala Ebn Safwan was. Dit volk werd het eerst verontrust door zekere reusachtige vogels Anka genaamd, die in den berg boven hen waren genesteld en hunne kinderen wegvoerden, als zij een prooi begeerden; maar zij bekreunden zich zoo weinig over deze ramp, dat, toen de profeet een oordeel over die dieren afsmeekte, zij hem doodden, waarna zij allen verdelgd werden (Al Beidâwi, Jallalo’ddin).