Note 64 — HOOFDSTUK XVII. HET LEGER DER MANNEN DES BLOEDS.[62]
Reading edition
De mannen des bloeds worden gevonnisd. Zeer fijn is hier de blik van den allegorist. De inwendige zonde moet zonder genade sterven; maar de uitwendige oorzaken tot zonde, afval of vervolging niet alzoo; zij worden nog gespaard sommigen om tot bekeering te komen, anderen om beter te worden ingelicht en anderen voor het oordeel Gods. Wij zien hier drie bronnen onwetendheid, ijver zonder verstand en nijd. „Ontfermt u wel sommiger”, zegt apostel Judas. Maar let nu eens op Saulus van Tarsen, die meende Gode een dienst te doen met de vervolging der broeders, die hij later lief kreeg. En Jezus bad, Vader vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen.