Note 4 — Wetgeving in Nederland.
Reading edition
Bij de bespreking van de oorzaken van dezen handel wees ik er reeds op, dat veel wat aan de zijde der vrouw als oorzaak, direct of indirect, van den meisjeshandel kan aangemerkt worden, zijn reden vindt in gebrekkige opvoeding of verwaarloozing. Wanneer wij deze oorzaken kunnen voorkomen en opheffen door ontzetting uit de ouderlijke macht of voogdij4 dan hebben we te doen met een preventief middel ter bestrijding van den meisjeshandel. Hierop wil ik toch drukken, opdat er toch geen verschil van opinie ontsta omtrent de grenzen van hetgeen ik mij hier voorstel in ’t kort te behandelen. ’t Is de burgerrechtelijke ontzetting uit de ouderlijke macht als preventieve zorg. Ik laat buiten bespreking de ontzetting als bijkomende straf na ’t begaan van een strafbaar feit, zooals in vele wetgevingen geschiedt. Hier heeft de ontzetting een ander karakter, en wel die van repressie als straf voor de ouders, daar is de ontzetting een louter beschermende maatregel voor de kinderen. Als straf kan zij ook wel preventief werken en wel b. v. na ’t ondergaan van den straftijd, doch het is meestal voor een beperkten duur, zich slechts tot enkele gevallen uitstrekkende.