Note 1 — Tweede Deel Amsterdam—Uitgevers-Maatschappij “Elsevier”—1921 (continued 3)
Reading edition
Die arme Rotgans! ’t Was wèl de moeite waard ’n paarduizend verzen by elkaar te rymen, om zóó verwaarloosd te worden! Geen der toeschouwers was geroerd door de treurspellige bravigheid van Minos, die de ontaarde juffer zoo flink op haar plaats zette. Men luisterde niet.1