Note 2 — Negentiende Hoofdstuk.
Reading edition
Willem van Oranje heeft zich als grondlegger van de Nederlandsche vrijheid onsterfelijke verdiensten jegens het geheele menschdom verworven. Aan hem hebben wij het te danken, dat het beginsel van een verdrag tusschen vorst en volk, hetwelk de grond van alle latere omwentelingen en van de rechten des volks ook in de 19e eeuw is geworden, het eerst openlijk uitgesproken en in toepassing gebracht worden kon. Hoe heilzaam de stichting van de Nederlandsche republiek op de geestelijke ontwikkeling van alle Europeesche natiën gewerkt heeft, zullen wij in het vervolg onzer geschiedenis hebben aan te wijzen, wij besluiten daarom deze afdeeling der geschiedenis met een laatste woord van hulde en dank voor den grooten man, die, al was hij ook geen heilige, gelijk zijne blinde vereerders ons gaarne zouden doen gelooven, toch een der edelste vorstenzonen geweest is, die ooit geleefd hebben2.