Note 1 — Negentiende Hoofdstuk.
Reading edition
Dinsdags, den 10en Juli 1584, wilde de prins, die zijne gemalin1 aan den arm leidde, zich naar den maaltijd begeven; in het voorvertrek van de eetzaal ontmoette hij Geraerts, die hem om een paspoort verzocht. Het uiterlijk van den jongen man moest ongetwijfeld in het oog vallen, want de prinses vroeg angstig, wie die bleeke, gejaagde mensch was, en maakte de opmerking, dat zij nog nooit zulk een ongunstig gelaat gezien had als het zijne. Doch Oranje lachte om hare vrees; hij stelde zijne vrouw gerust, geleidde haar naar tafel en was onder den maaltijd, waaraan o. a. ook de burgemeester van Leeuwarden deelnam, opgeruimder dan ooit.