Note 114) — DERDE HOOFDSTUK.
Reading edition
Den 25sten November had Lamoussaye reeds gemeld, dat ook de gouverneurs van Zuid-Brabant en van Antwerpen dergelijke taal hadden gevoerd: 25.000 Pruisen zouden de rust komen herstellen. Na het inkomen der bekende koninklijke boodschap van 11 December hield men het er in België algemeen voor, dat dergelijke geruchten van regeeringswege waren verspreid om den indruk van dit staatsstuk te versterken. Onze gezant te Parijs, Fagel, verzekerde aan Polignac, dat het gerucht ten eenenmale ongegrond was (Polignac aan Lamoussaye, 22 Dec. 1829). Den 20sten Januari 1830 berichtte daarop Lamoussaye, dat niet slechts hooge ambtenaren, maar de koning zelf de bedreiging had uitgesproken: „A l'époque où les députés belges manifestaient une très vive opposition, le Roi répéta plusieurs fois devant des personnes dont la véracité ne saurait être mise en doute les paroles suivantes: „Que ces messieurs y prennent garde; d'un coup de sifflet je puis faire entrer les Prussiens.” Après le vote provisoire des recettes S. M. s'exprima en ces termes: „Je regrette que les choses aient pris cette tournure; j'aurais écrasé l'opposition; la France et la Prusse m'en auraient su gré””.—Men houde hierbij in het oog, dat 8 Aug. 1829 het liberale ministerie-Martignac door het reactionnaire ministerie-Polignac was vervangen.