← Table of contents
De afstamming van den mensch en de seksueele teeltkeus, deel 1 (van 2)

Note 13 — over de punten van overeenkomst en van verschil in het maaksel en de ontwikkeling der hersenen bij den mensch en de apen.

H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation

Op gelijke wijze kan men met waarheid zeggen, dat de hersenen van een menschelijken foetus in de vijfde maand niet slechts de hersenen van een aap, maar zelfs dat zij de hersenen van een aap uit de familie der zijdeapen (Arctopitheci) zijn; want de halfronden, met hun groote, achterste kwabben en met geen andere sleuven dan die van Sylvius en den sulcus calcarinus, vertoonen de kenmerken die men in de groep der Primaten alleen bij de familie der zijdeapen (Arctopitheci) vindt. Maar het is eveneens waar, gelijk Gratiolet opmerkt, dat zij door haar wijd openstaande Sylvische spleet van de hersenen van alle thans levende zijdeapen (Arctopitheci) verschillen. Ongetwijfeld gelijken zij veel meer op de hersenen van een ver in ontwikkeling gevorderden foetus van een zijdeaap. Wij weten echter niets hoegenaamd van de ontwikkelingsgeschiedenis der hersenen bij de zijdeapen. Bij de eigenlijke Platyrrhini is de eenige waarneming welke mij bekend is, die van Pansch, die in de hersenen van den foetus van een Cebus Apella behalve de Sylvische spleet en een diepen sulcus calcarinus, slechts een zeer ondiepe fissura antero-temporalis (scissure parallèlle van Gratiolet)13 vertoonde.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings