Note Ik — Dertiende Zang.
H. J. Boeken translation
58 Die hier spreekt is Pieter delle Vigne, van geringe afkomst opgeklommen tot kanselier van Keizer Frederik II. In een oorlog van den keizer tegen den Paus maakten de Guelfen hem bij den keizer verdacht. Deze nam hem gevangen, doch doodde hem niet maar liet hem van het gezicht berooven en zóó vrij. Naar Pisa getrokken zijnde, waar hij vele vrienden hoopte te vinden, heeft hij zich, daar hij zich bij allen veracht zag, het hoofd tegen eene kerk te bersten geloopen, zoodat hij dood nederviel.