← Table of contents
Boschgeheimen

Note 1 — KEEONEKH, DE VISSCHER.

Cilia Stoffel translation

Op een lentedag zat ik heel stil in ’t kreupelhout aan den oever naar een boscheend1 te kijken. Er zaten daar boscheenden, maar het struikgewas groeide zóo dicht, dat ik ze nooit verrassen kon. Ze hoorden me altijd komen en maakten zich uit de voeten, gaven me slechts verdwijnend een glimp tusschen de boomen, of wel ze verscholen zich kalmpjes, tot ik voorbij was. De eenige manier om ze te zien te krijgen—het was een mooi gezicht—was, stilletjes in een schuilplaats te zitten, uren lang als ’t moest, tot ze daar aan kwamen glijden vlakbij, geheel onbewust van den bespieder.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings