Note 3 — XIX.
Reading edition
Anding is de naam in ’t Dajaksch, dien de oudere broeder aan den jongeren geeft. Het is een teedere benaming voor hen, die men lief heeft. Hij wordt veel gebruikt door den meerdere wanneer hij tegenover zijne minderen hartelijkheid wil toonen of het harde zijner lessen of vermaningen wil verzachten. „Pahari”, zegt de broeder tegen den broeder, en is meer gebruikelijk wanneer geen teederheid of verzachting te pas komt. „Kaka” wordt gebezigd door den jongeren tegen den ouderen broeder en is een eerbiedsbetuiging. ↑