Note 9 — XVIII.
Reading edition
In hunne ontsteltenis letten de drie overige Europeanen daar niet op, en de Dajaks wel een weinig verwonderd, maar overgelukkig dat de vreemdelingen geweigerd hadden van dien lekkeren schotel te proeven, hieven een gejuich aan. Hij die den schotel droeg, greep den lepel, laadde hem, wierp toen het hoofd achterover en liet, terwijl hij de oogen zacht sloot en zijn gelaat van genot straalde, een goede portie in den wijd geopenden mond glijden. Hij gaf toen den schotel aan een makker over, die dezelfde manoeuvre volbracht, en het lekkers verder gaf. Het was toen een smakken met tong en met lippen, dat de toeschouwers wel moesten begrijpen dat de smullenden in den hoogsten graad van genieting verkeerden. Langzaam en met verrukten blik zogen zij de haren uit, die trouwens alleen door het mengsel geroerd waren, om de lekkerbekken tot bedaard genieten te noodzaken9. Eindelijk werd het den Europeanen te benauwd om het hart; alles draaide hun voor de oogen. Zij sprongen op, om zich te verwijderen van het ontzettend tooneel, maar ontwaarden eerst toen, dat Wienersdorf bewusteloos ter neer lag. Zij tilden hem op en ijlden met hem naar buiten in de frissche lucht. Daar kwam de bewustelooze ras bij en herstelden zich de anderen. Een dronk zuiver water hielp ook om hunne ontstelde zenuwen tot bedaren te brengen.