Note 3 — XVIII.
Reading edition
Terwijl de arme ongelukkige uit hare kooi gehaald werd, klom een der Balians op een daartoe expresselijk vervaardigde trap, „tadjahan” genaamd, en zong een invocatie, ten doel hebbende om den Antang te verzoeken een gunstig voorteeken te geven, zoowel ten opzichte der verzoening, die plaats zou grijpen, als der gebeurtenissen, die aanstaande waren. De Antang3 is een valk, wiens vlucht door de Dajaks geraadpleegd wordt en waaruit goede of kwade voorteekens afgeleid worden.