← Table of contents
Borneo van Zuid naar Noord

Note 5 — XVII.

Reading edition

„Maar die vaart kan niet behouden worden,” viel Johannes driftig in. „’t Zal al wel zijn, als we die vaart tot den avond volhouden. En dan moeten we kotta Djankang bereikt hebben. Ja.…. als we onze roeiers van tijd tot tijd tegen versche konden verwisselen, dan was ’t wat anders, maar daaraan valt niet te denken. ’k Wed, dat onze vervolgers te Tapen en te Toembang5 Koeatan versche krachten zullen verkregen hebben. Kom, wees niet weekhartig; laat ons den toestand als mannen onder de oogen zien; we zullen niets doen dan ons verdedigen en je zult zien, dat een goede uitslag onze pogingen zal bekronen.”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings