← Table of contents
Baboe Dalima

Note 1 — XV. Onder den Wariengienboom.—In de opium-kit.

Reading edition

Het kringetje was ras onder een kolossalen Wariengienboom1 gevormd, welks knoestige takken zich hoog en zeer ver uitspreidden, en zoo eene kruin vormden, die het grootste gedeelte der oppervlakte van de vrij ruime aloon-aloon overdekte en schaduw verleende, wanneer de zon of de maan in het zenith stond, en zoo den omvang van die kruin op den bodem nauwkeurig bepaalde. Van verreweg het meerendeel der horizontaal uitgespreide takken daalden bundels luchtwortels naar beneden, nu eens als een vinger, dan weer als een pijpesteel zoo dik, soms zoo fijn als een dun touw, die evenwel, bij het aanraken van den bodem, daarin doordrongen, om hulpstammen te vormen, die den reus zijnen last hielpen torsen. Van die bijstammen waren er velen te bespeuren, die rondom den hoofdstam een zuilengewrocht daarstelden, en den schoonen boom eene zekere mate van betoovering bijzetten.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings