← Table of contents
Aspasia

Note 1 — VIII. HET OFFER AAN DE CHARITEN.

W. F. P. (Willem Frederik Paulus) Enklaar translation

„Wat doet gij daar, Dracyllus? Te zwak gewelfd om op een afstand uitwerking te doen is die borst; het veld van het onderlijf te weinig geleed, de kuiten te onduidelijk geteekend. De hoofdspieren te weinig, de mindere spieren te veel op den voorgrond geplaatst!—Charicles, gij spant hier de huid te strak, daar te slap over de spieren. Hier is zij niet los genoeg, bijna niet te verschuiven. Het moet schijnen, alsof men zelfs bij bronzen of marmeren beelden het vel tusschen zijne twee vingers kan nemen en een weinig naar boven kan trekken!—Uw God, Lycius, is schier niet te herkennen uit de plooien van zijn gewaad. Behoort gij soms ook tot die beeldhouwers, wier Heracles1 alleen aan de knots kenbaar is?—Ook uw bronnimf, Crinagoras, schijnt aan haar kruik gekend te moeten worden, in plaats dat gij het zachte, als ’t ware vloeibare harer leden over het diepst van haar wezen hadt uitgespreid.”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings