Note 14 — IV. DE PANSGROT.
W. F. P. (Willem Frederik Paulus) Enklaar translation
„Jonge vriend,” zeide de dichter glimlachend, „geen waardiger verdediger had de teedere, met pijlen gewapende God14 kunnen vinden. Weinige dagen geleden is bij mij de gedachte aan een treurspel opgekomen, waarin degeen, wiens verdediger gij heden zijt, wel eene plaats zal worden ingeruimd. Ik weet niet, of die vluchtige gedachte tot ernst zou zijn geworden; maar het treft heel goed, dat ik er door u aan herinnerd word. Ik ben voornemens dat treurspel nu werkelijk te schrijven, daar uwe woorden en nog meer uwe heerlijke oogen mij ten gunste der zaak, die gij voorstaat, hebben ontvlamd en bezield.”