← Table of contents
Aspasia

Note 12 — XXIII. HET DIONYSUS-FEEST.

W. F. P. (Willem Frederik Paulus) Enklaar translation

„’t Zal ongeveer twee weken geleden zijn,” zei Alcibiades, „dat ik in eene der stillere straten daarboven aan den Ilissus met een vriend, dien ik toevallig ontmoette, stond te praten. Plotseling gaat de met bloemen versierde deur van een huis open en eene stoet van fluitspelers en zangers, met fakkels in de handen en bekranst, treedt naar buiten. Hen volgt eene gesluierde bruid, tusschen den bruidegom en den nymphagoog12. Deze drie bestijgen een met muildieren bespannen wagen, die voor het huis staat, en nemen er plaats in. Onderwijl komt de moeder der bruid, met de fakkel, die zij aan den haard van het huis der bruid heeft aangestoken; bij haar sluit het overige, in ’t wit gekleede gezelschap zich aan, met bloemen bekranst en fakkels dragende; de wagen zet zich in beweging en voorwaarts gaat het de straat af tot aan het huis van den bruidegom, onder de toonen der fluiten, het aanheffen van liederen, onder vroolijk jubelen en dansen. Die bruidegom nu was niemand anders dan Socrates, de vriend van Aspasia, de nymphagoog was de vrouwenhater Euripides.”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings