Note 5 — XVII. HET MEISJE UIT ARCADIË1.
W. F. P. (Willem Frederik Paulus) Enklaar translation
„Vrees niets, Aspasia! Reeds sedert lang zijn de wilde reuzen op deze paden uitgeroeid, en geveld is reeds lang de pijnboombuiger Sinis5, de snoode wreedaard. Alleen voor de slangen van deze hoogten en dalen moeten wij op onze hoede zijn: want gij herinnert u wel, wat hier zeer nabij op Nemea’s grondgebied geschiedde, toen de voedster het knaapje in het gras legde, om voor de langstrekkende „Zeven tegen Thebe”6, op hun verzoek, een dronk verkwikkend water te halen.”