Note 5 — XV. UILEN OP DE ACROPOLIS.
W. F. P. (Willem Frederik Paulus) Enklaar translation
Bedoeld worden hier de Lydische koning Candaulus, de zoon van Myrsus en de hoveling Gyges, de zoon van Dascyles. In kleuren en geuren kan men dat verhaal lezen bij Herodotus 1, 8–13; het geheugen van Pericles schijnt op dit punt vrij slecht te zijn geweest, daar de gunsteling geenszins uit liefde voor de vrouw den koning doodde. Integendeel: de vrouw van Candaulus liet Gyges roepen en zeide: „Ik geef u de keus òf door Candaulus te dooden mij en het rijk te bezitten, òf zelf te sterven, opdat gij later niet weder dingen moogt zien, die onvoegzaam zijn.” Gyges kiest het eerste, door den uitersten nood gedwongen en verkrijgt alzoo de echtgenoote van Candaulus en de heerschappij. ↑