← Table of contents
Antony van Leeuwenhoek, de ontdekker der infusorien, 1675-1875

Note 24 — VOORBERICHT. (continued 2)

Reading edition

Er bestaat van Leeuwenhoek een fraai „in olieverw geschilderd” portret, in het bezit van Dr. van Kaathoven, te Leiden. Deze schilderij stelt hem voor in de deftige kleedij van den aanzienlijken stand van dien tijd. Dr. van Kaathoven heeft mij de zeer gewaardeerde toestemming verleend, van deze schilderij eene afbeelding te laten maken, waardoor de waarde dezer uitgave belangrijk verhoogt wordt. Van deze schilderij zijn mij de volgende bijzonderheden door den geachten bezitter medegedeeld: Aan de rechter zijde (links van den toeschouwer) ziet men vóór hem op eene tafel het ontrolde diploma met het aanhangend zegel in rood zegellak (in doos) van het lidmaatschap der Koninklijke Sociëteit te Londen, en vóór zich heeft hij een blad papier waarop onduidelijke figuren zijn getrokken, terwijl hij in de rechter hand een passer houdt. Vóór den donkeren achtergrond is een hemelglobe aangebracht en men bespeurt op dien achtergrond een landschap, waarin men zonder andere voorwerpen, alléén de kronkelingen eener rivier ziet, waarmede waarschijnlijk die der Theems zijn voorgesteld. De naam van den schilder wordt echter niet op de schilderij aangetroffen. Dit geschilderd portret nu komt in gelaatstrekken, houding en kleeding, geheel en al overeen met een ander portret van Leeuwenhoek in zwarte kunst in fol. (eveneens in het bezit van Dr. van Kaathoven), doch hetgeen in het „geschilderd” portret links van den aanschouwer is, ziet men in de prent ter rechter zijde; de donkere achtergrond achter de hemelglobe, stelt op de prent duidelijker een gordijn voor. In de plaats van een passer in de hand staat er op de prent een microscoop van de eerste uitvinding van Leeuwenhoek op de tafel, in plaats van het diploma enz., een eikenblad met galnoten en het vergrootglas, terwijl hij ook, evenals op de schilderij, vóór zich een blad papier heeft, waarop dezelfde, maar nog onduidelijker figuren dan op de schilderij zijn getrokken. Verder ziet men op de prent op den donkeren achtergrond niet het landschap met de kronkelingen der rivier. Onder dit portret in „zwarte kunst” leest men: J. Verkolje pinx., fec. et exc. 1685.

Nu is de vraag of dit „geschilderd” portret het „echte” door Verkolje geschilderde is, dat later, hetzij door hem zelven, hetzij door een andere hand in sommige attributen enz. is veranderd? of dat er een ander „geschilderd” portret van Leeuwenhoek bestaat waaronder, even als onder dat van zw. kunst den naam van Verkolje gelezen wordt?

(Johannes Verkolje, geb. te Amsterdam 1650, was sedert 1672 te Delft woonachtig en wordt onder de vermaarde schilders gerekend. Hij overleed te Delft in 1693.) (Zie over zijn leven en schilderijen onder anderen Houbraken, III, blz. 282), doch noch bij dezen schrijver, noch in andere levensbeschrijvingen van Nederlandsche schilders, vond Dr. van Kaathoven onder de werken van J. Verkolje van een ander dan van de prent in zwarte kunst gewag gemaakt.

Behalve deze beide beschreven portretten van Leeuwenhoek zijn er nog een zestal andere drukken in het bezit van denzelfden verzamelaar, die onderling eenigermate verschillen, als:

„Antonius a Leeuwenhoek, J. Verkolje pinx., A. de Blois fec.” 4o.

„Idem, J. Verkolje pinx., A. de Blois fec.”, 4o.

„Antoni van Leeuwenhoek, geboren te Delft, Ao. 1632.”

„J. Verkolje pinx., Zw. k.” fol.

„Antonius a Leeuwenhoek, J. C. Phillips inv. et fec.,” 1747, 8o.

„Idem (Antoni). Idem fecit.” 1740, fol.

„Antonius Leeuwenhoekius,” J. Gourée sculpt. med.

Eindelijk bezit Dr. van Kaathoven nog een op Delftsch aardewerk vervaardigd portret van Leeuwenhoek, dat van boven met een oor voorzien is, bestemd om opgehangen te worden, waarop weder andere attributen dan op de schilderij zijn aangebracht; uit dit portret is Leeuwenhoek bijna niet te herkennen.

Ik zelf bezit drie borden van fijn echt Delftsch aardewerk of porcelein, op één waarvan het portret van Leeuwenhoek, dat volkomen in gelaatstrekken en kleeding met het boven beschrevene overeenkomt; links van den aanschouwer ziet men den toren der Oude Kerk te Delft, rechts eene draperie en onderaan „Antoni van Leeuwenhoek, Lit van de Koninglijke Societeyt in Londen, geboren tot Delft 1632”, op een goud veld in zwarte letters gebakken, het geheel met een zware, met kleuren en goud versierden rand omgeven.

Het tweede bord stelt voor de „grafnaald,” zooals die zich in de oude Kerk te Delft bevindt, met de buste van Leeuwenhoek en daaronder „P. M: Antoni a Leeuwen. Reg. Anglo. Societ.” omgeven door een zware gouden rand met gekleurde slingers. Op dezen rand leest men in zwarte letters: „Grafnaald van den heer Antoni van Leeuwenhoek in de Oude Kerk te Delft, geboren den 21sten October 1632, overleden den 26sten Augustus 1723.”

Op het derde bord is het „familie-wapen” van Leeuwenhoek gebakken, voorstellende een leeuw op een goud veld in schoone kleuren, en boven dien ben ik nog in het bezit van een theeschoteltje, van zeer fijn dun Delftsch porcelein, eveneens met het „familie-wapen” in goud en kleuren, maar in plaats van de kroon, een helm met vederen gedekt door een kroon. Onderaan leest men op een gouden band in zwarte letter „Maria Leeuwenhoek”. De borden zijn op de tentoonstelling van Nederlandsche oudheden, in het jaar 1863 te Delft gehouden, geweest, terwijl zij eveneens, bij gelegenheid der feestelijke herdenking van de ontdekking der microscopische wezens door van Leeuwenhoek, op den 8sten September 1875 te Delft tevieren, op eene tentoonstelling van het geen van Leeuwenhoek’s microscopen en andere bijzonderheden op hem betrekkelijk is kunnen bijeengebracht worden, zullen voorkomen. ↑

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings